In geval van functieverlaging op eigen verzoek, zoals geregeld in artikel 6.17.3, komt u in aanmerking voor een persoonlijke toeslag. De persoonlijke toeslag is het verschil tussen het oude en het nieuwe persoonlijk functiesalaris. De persoonlijke toeslag wordt in drie jaar afgebouwd. In het eerste jaar wordt de toeslag vastgesteld op 75% van het verschil, in het tweede jaar op 50% en in het derde en laatste jaar op 25%. De bedragen worden eenmalig vastgesteld en worden niet aangepast aan cao-verhogingen.

In deze situatie wordt als grondslag voor de pensioenopbouw na de functiewisseling het nieuwe persoonlijk functiesalaris genomen, naast de overige arbeidsvoorwaarden die meegenomen worden bij de bepaling van de pensioengrondslag. De opgebouwde pensioenrechten tot het tijdstip van functiewisseling worden aangemerkt als slapersrechten.

Voor de berekening van het ouderdomspensioen worden de opgebouwde rechten van voor en na de functiewisseling bij elkaar geteld.

Uw persoonlijke toeslagen en garanties die niet in uw persoonlijk functiesalariszijn opgenomen blijven in deze regeling buiten beschouwing.