Om aan bovenstaande uitwerking te geven worden onderstaande uitgangspunten gehanteerd:

  • de kosten van het onderhouden en vermeerderen van de kennis en vaardigheden van de huidige of eerstvolgende functie worden door uw werkgever gedragen;
  • het volgen van opleidingen noodzakelijk voor de directe functie-uitoefening vindt in werktijd plaats. Opleidingen die, anticiperend op de verwachte ontwikkelingen, nodig zijn voor een blijvende inzetbaarheid van u worden als regel voor de helft in eigen vrije tijd en voor de andere helft in bedrijfstijd gevolgd;
  • indien uw functie als gevolg van een reorganisatie vervalt, zijn de kosten van de opleiding voor een andere functie voor rekening van uw werkgever, en zal de opleiding voor zover enigszins mogelijk in bedrijfstijd worden gevolgd.